Baden Powell en de geschiedenis van Scouting

Baden Powell

Het begin van Scouting

Scouting was reeds populair nog voordat het in 1907 officieel in Engeland werd opgericht. Ook in Nederland kreeg het snel vaste grond aan de voet, al verliep de start tamelijk chaotisch.

Algemeen wordt 3 augustus 1907 gezien als de stichtingsdatum van de jeugdbeweging die ook in Nederland sinds vele jaren onder de naam Scouting bekend is. Op die dag besloot Robert Baden Powell (1857-1941) met zo'n 20 jongens op Brownsea Island aan de Engelse zuidkust te gaan kamperen. De bedoeling van dat kamp was het testen van de toepasbaarheid van ideeën die BP (Baden Powell) reeds eerder had uitgewerkt in een boekje getiteld: AIDS TO SCOUTING. Dit boekje verscheen in 1899 en was bestemd voor soldaten van het Britse leger die in de ogen van de toenmalige officier BP niet goed toegerust waren om hun taak in de Britse koloniën uit te voeren.

Toen hij terugkwam van de Boerenoorlog in Zuid-Afrika van 1899-1902, bemerkte hij dat verschillende jeugdclubs zijn handleiding gebruikten bij hun spel in de natuur. Dit was de aanleiding om een speciaal boek te schrijven dat in 1908 verscheen onder de naam: SCOUTING FOR BOYS. Het boek werd een daverend succes en verscheen in Nederland in 1924 onder de titel: HET VERKENNEN VOOR JONGENS. Nadat Koning Edward BP verzocht had om zich geheel aan de ontwikkeling van de jeugdbeweging te wijden, vond in 1909 in Londen de eerste grote bijeenkomst plaats waaraan 11.000 boy scouts deelnamen. Een jaar later werd ook de GIRL GUIDES ASSOCIATION opgericht, scouting voor meisjes.

Gedurende een reis rond de wereld stimuleerde BP de start van scouting in alle werelddelen. "Gillwell-Park", een landgoed vlak bij Londen, werd ingericht als trainingskamp voor kaderleden. Hier ontstonden ook de ideeën voor de ontwikkeling van een voortgezette training, de z.g. "Woodbadge Gilwell-cursus". Het spel van verkennen was bedoeld voor de jeugd van 12 tot 18 jaar. Vanaf het eerste begin bestond er echter een grote behoefte aan iets soortgelijks voor nog jongere kinderen.

Met de verschijning van BP's handboek voor de Welpen: THE WOLF CUB'S HANDBOOK werd hieraan tegemoet gekomen. Het welpenspel werd geschreven voor de 7 tot 12 jarigen en is gebaseerd op de "jungle-boeken" van de befaamde Britse schrijver en Nobelprijswinnaar Rudyard Kipling (1865-1936).

Ontwikkeling

Scouting als vredesbeweging

Tijdens de WO I bezocht Baden de oorlogsfronten in Frankrijk en Vlaanderen. Bij hem ontstond het idee dat de internationalisering van de scoutingbeweging begrip zal kweken tussen buurvolken die op dat moment elkaar op leven en dood bevochten. Scouting als vredesbeweging kreeg pas in 1920 gestalte met de eerste Wereld Jamboree in Londen. De tweede WJ vond in 1924 plaats in Kopenhagen en in 1937 was Nederland aan de beurt. Koningin Wilhelmina opende de vijfde WJ in Vogelenzang-Bloemendaal waaraan 27000 verkenners uit 54 landen deelnamen. Tijdens dez bijeenkomst nam Baden op 80-jarige leeftijd afscheid. Na zijn dood, vier jaar later, wordt de beweging nog vele jaren geleid door zijn veel jongere vrouw Olave. Lady Baden Powell overlijdt in 1977 op 88-jarige leeftijd.

Continu in beweging

In de loop der jaren hebben maatschappelijke veranderingen in meerdere en mindere mate het karakter van Scouting sterk beïnvloed. Wat bleef was de gerichtheid op het buitenleven. De zomerkampen en voorbereiding daarop nemen nog steeds een belangrijke rol in. Ook speelt handvaardigheid nog een grote rol, waaraan moderne ontwikkelingen zijn toegevoegd zoals modelbouw en radio- en computer techniek. Een Jamboree-On-The-Air (JOTA) en Jamboree-On-The-Internet (JOTI) zijn hier voorbeelden van.

Het uniform is gebleven maar wel aangepast aan de tijd. De hiërarchische structuren zijn sterk gedemocratiseerd en de godsdienstige en nationalistische uitingen zijn verdwenen. Het begrip dienstbaarheid is opnieuw geïnterpreteerd in termen van maatschappelijke oriëntatie. Hierbij valt te denken aan activiteiten op het gebied van ontwikkelingshulp, belangstelling voor minderheden, milieu e.d. Van oudsher werd de jeugd ingedeeld naar leeftijd en sekse. Vooral in Nederland en België heeft gedurende het laatste decennium de ontwikkeling van gemengde groepen zich sterk doorgezet, terwijl er een verdergaande verfijning plaatsvond van de indeling naar leeftijd.

In Nederland

Ontwikkelingen in Nederland

De start van scouting in Nederland verliep tamelijk chaotisch. In 1910 verscheen het boekje: OP, HOLLANDSCHE JONGENS NAAR BUITEN. Er was veel materiaal van BP's handboek in verwerkt en was bedoeld om leden aan te trekken voor de Nederlandsche Bond voor Lichamelijk Opvoeding (NBLO). In plaats daarvan werd het gebruikt door verschillende scoutinggroepen die in 1910 van start gingen of daar voorbereidingen toe troffen. De Amsterdamse journalist Gos de Voogt stimuleerde de oprichting van de eerste groep in Amsterdam. Dit leidde ertoe dat op 7 januari 1911 in Amsterdam de NEDERLANDSCHE PADVINDERS ORGANISATIE (NPO) werd opgericht. De honderden jongeren die zich aanmeldden na een oproep in de krant, ontvingen bij inschrijving het eerste exemplaar van het tijdschrift "De Padvinder", een kopie van het Britse weekblad "The Scout". In Den Haag werd de BOND VOOR JONGE VERKENNERS opgericht die in 1912 met andere plaatselijke groepen fuseerde tot de NEDERLANDSCHE PADVINDERSBOND (NPB).

Padvinderswet anno 1915

  • Het woord van een padvinder is te vertrouwen
  • Een padvinder is trouw aan Koningin, Vaderland, Ouders en vrienden
  • Een padvinder heeft tot plicht anderen te helpen en voor anderen nuttig te zijn
  • Een padvinder is een vriend voor allen en een broeder voor alle andere padvinders, tot welke stand ook behorende
  • Een padvinder is altijd beleefd en vriendelijk
  • Een padvinder is een dierenvriend zonder overdrijving
  • Een padvinder is gehoorzaam aan zijn ouders en aan de orders der troep- en patrouilleleiders
  • Een padvinder is altijd opgewekt en goedlachs
  • Een padvinder is spaarzaam
  • Een padvinder is rein in gedachten, woord en daad

Scouting groeit

Scouting groeit

Na een bezoek van BP aan Amsterdam en Den Haag in 1911 pleitte hij voor een fusie van beide organisaties. Deze kwam echter pas tot stand in 1915, nadat Prins Hendrik een fusiecommissie had benoemd. De fusie leidde tot oprichting van de VEREENIGING DER NEDERLANDSCHE PADVINDERS (NPV). Op 24 april 1916 werden in De Bilt aan meer dan 50 afdelingen van de NPV (met zo'n 1500 leden) de nieuwe vlaggen uitgereikt.

Kort na het verschijnen van het handboek voor Welpen werd in 1917 in Utrecht de eerste welpenhorde opgericht. De eerste takken voor jeugd ouder dan 18 jaar werden al voor 1922, toen BP met zijn boek "ROVERING TO SUCCES" kwam, opgericht. Dit boek, speciaal voor de oudere jeugd kwam in 1926 in het Nederlands uit onder de titel "ZWERVEND OP DEN WEG NAAR LEVENSGELUK".

In 1923 werd het trainingscentrum GILWELL ADA'S HOEVE in Ommen geopend. Hiermee was Nederland de eerste na Engeland waar cursussen werden gehouden van 7 tot 10 dagen die, na een geslaagd theoretisch deel, recht gaven op het dragen van de WOODBADGE bestaande uit 2 houten kralen en een leren veter.

Na 1937 werden de Katholieke Verkenners (KV) een zelfstandige vereniging, naast de NPV. Via een nieuw overkoepelend orgaan, de NATIONALE PADVINDERSRAAD (NPR), vond aansluiting plaats bij de wereldorganisatie (World Organisation of Scout Movement).

Kort daarna brak de Tweede Wereldoorlog uit en in 1941 werd scouting verboden. Uniformen en materialen moesten worden ingeleverd...

Na de oorlog werd het katholieke jeugdwerk anders georganiseerd en er werd gekozen voor een overkoepelende organisatie: DE KATHOLIEKE JEUGDBEWEGING (KJB) waarin de verkenners een onderafdeling vormde. Hierdoor werd de naam VERKENNERS VAN DE KATHOLIEKE JEUGDBEWEGING.

De jaren vijftig stonden in het teken van bouwen. De nationale Sint Jozefstam, met leden uit het hele land, organiseerde projecten in Nederland en Frankrijk. In 1952 werd voor het eerste geld ingezameld volgens de Engelse succesformule: BOB-A-JOB, hier onder de naam HEITJE VOOR EEN KARWEITJE. De actie werd in de paasvakantie gevoerd en was meteen een daverend succes. In 1962 maakte de verkenners zich los van de KJB om onder hun oude naam zelfstandig verder te gaan.

Scouting Nederland

Oprichting Scouting Nederland

Na verloop van tijd werd de druk op de beweging om te moderniseren steeds groter. Het uniform werd vernieuwd, de wetten en beloftes aangepast en de organisatiestructuur gedemocratiseerd. In 1966 werd een werkgroep opgericht die de fusie van de vier organisaties op dat moment, padvinders, padvindsters, gidsen en verkenners moest voorbereiden. Het samengaan van jongens en meisjes en van Rooms-Katholieken en andersdenkenden in één vereniging was in de ogen van velen (waaronder voorzitter Prins Bernhard) geen haalbare kaart. In januari 1972 verscheen het nieuwe kaderblad SCOUTING en een jaar later, om precies te zijn op 6 januari 1973 werd SCOUTING NEDERLAND opgericht. De vier afzonderlijke organisatie structuren werden ontmanteld en de functionarissen konden in de nieuwe organisatie plaatsnemen. Vooral veel ouderen vonden dit een prima gelegenheid om de vereniging vaarwel te zeggen. Gelukkig vond er op tijd aanwas plaats van enthousiaste jongeren en kwam de vereniging verjongd uit het proces tevoorschijn. 

Het gevolg was een vrij drastische vernieuwing op vrijwel alle gebieden, organisatiestructuur, speltakken, uniformen, insignes etc... In plaats van de vroegere Koempoelan en Dachvaert werden er nu Scout In's gehouden. In 1975 namen 7000 kaderleden deel.

In 1995 kwam voor de tweede keer de Wereld Jamboree naar Nederland in Dronten en een jaar eerder werd ter voorbereiding hierop een Europese Jamboree gehouden.

Tegenwoordig komen scouts dan ook in alle lagen van de bevolking voor, van directeurs tot studenten, computer-programmeurs tot bergsport-freaks en doktersassistenten tot leraressen... Scouting is meer dan een verening om naar toe te gaan, SCOUTING LEEFT!